1 KORINTHIËRS 13

Waert dat ick sprake met der menschen ende enghelen tonghen ende die liefde niet en hebbe, soe ben ick gheworden als een luydende metael, oft een clinckende belle. (1 Korinthiërs 13) De moeder van mijn vader was een gelovige vrouw. Al …

Waert dat ick sprake met der menschen ende enghelen tonghen ende die liefde niet en hebbe, soe ben ick gheworden als een luydende metael, oft een clinckende belle.

(1 Korinthiërs 13)

De moeder van mijn vader was een gelovige vrouw. Al haar kleinkinderen hebben een mooie, in leer gebonden, bijbel gekregen toen we onze plechtige communie deden. In mijn exemplaar schreef mijn grootmoeder bovenstaand citaat uit Korinthiërs in een hedendaagse variant:

Al sprak ik de talen van alle mensen en die van de engelen – had ik de liefde niet, ik zou niet meer zijn dan een dreunende gong of een schelle cymbaal.

Op twaalfjarige leeftijd was ik allicht al een praatvaar en de kans is groot dat ze me wilde waarschuwen dat ik moest oppassen met taal. In een roman waar het spreken met God en de engelen door John Dee wordt betracht, zag ik eindelijk de kans schoon om haar eer te bewijzen door dit citaat over te nemen. Bomma’s hebben altijd gelijk.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *